AFM maakt zich zorgen…

…over selectiebeleid ten aanzien van beleggingsfondsen bij een aantal zelfstandige vermogensbeheerders. Uit een eerste onderzoek bij een tiental beheerders en adviseurs blijkt ondermeer dat sommige beheerders blijkbaar alleen naar rendement kijken. Andere adviseurs nemen weer geen afscheid van fondsen en houden deze nadat ze door een eerste selectie gekomen zijn tegen beter weten in aan in de portefeuille.

 

De Nederlandse toezichthouder AFM verwacht van beleggingsondernemingen dat in beleid en processen goed wordt vastgelegd hoe zij zowel vooraf door zorgvuldig onderzoek, maar ook daarna de ontwikkelingen en prestaties van fondsen en beleggingen, monitoren en evalueren. De criteria die AFM daarbij noemt zijn zowel kwantitatief als kwalitatief van aard. Als voorbeeld geldt onder andere (minimale) omvang van fondsen, prestaties in het verleden, liquiditeit maar ook hoogte van kosten. Deze zijn ook naar onze mening wezenlijk naast kwalitatieve aspecten als beleggingsstijl, team beheerders en hoe risicomanagement plaatsvindt. Een ‘aha-erlebnis’?

 

Uit eigen ervaringen weten we dat hetgeen de AFM nu signaleert, niet alleen op het niveau van alleen (kleinere) zelfstandige vermogensbeheerders plaatsvindt. Sterker nog, ook hier geldt, dat uitzonderingen de regel bevestigen! En dat cliënten of ze nu een beleggingsrekening aanhouden bij een (grote) bank of beheerder, eigenlijk altijd baat hebben bij duidelijke afspraken over wat er gebeurt en hoe het beleggingsproces er uitziet. We moeten er als sector, rekening houdende met ieders  eigen verantwoordelijkheid en als onderdeel van het totale proces, met zijn allen voor zorgen dat een aangeboden oplossing passend is én blijft bij wat de cliënt wenst. Veel van hen zijn op zoek naar inzicht, overzicht, vergelijking en reflectie. Dat past dan ook weer in een andere richtlijn van AFM. Deze heeft namelijk eerder ook opgeroepen dat consumenten een kritische houding moeten aannemen nu er direct betaald moet worden voor een financieel advies. De meeste beleggers hebben hierbij behoefte aan bevestiging, zelfs coaching of gemak en gemoedsrust. Daarom doen ze graag een beroep op een partij die hen (volledig) hierbij kan helpen.

 

Wij wijzen u graag op een concreet illustratief voorbeeld zoals door AFM genoemd: De adviseur inventariseert de doelstellingen, risicobereidheid, financiële positie, kennis en ervaring van de cliënt. Vervolgens adviseert deze de cliënt welke (strategische) asset allocatie gezien zijn situatie passend is. Tot slot verwijst de adviseur door naar een vergelijking van fondsen per asset categorie. De adviseur vergelijkt hierin fondsen op basis van de Morningstar systematiek en geeft de cliënt inzicht hoe de verschillende fondsen zich op deze aspecten tot elkaar verhouden. Cliënt kiest op basis van de vergelijking zelf zijn fondsen. De adviseur geeft hierbij geen voorkeur voor een fonds aan, noch is sprake van enige andere sturing van de cliënt richting een fonds.

 

De uitvoering geschiedt los van bestaande dienstverleningen als vermogensbeheer en beleggingsadvies. Zoals wij reeds eerder aangaven vormt het laatste meer en meer een verlenging van het eerste. De belegger die teveel wil afwijken van de standaard profielen en portefeuilles van de bank rest nog de oplossing om het geheel zelf te doen. Dit heet dan execution only. De beschreven ondersteuning in de selectie van fondsen kan in een dergelijk geval belangrijk zijn. Wil de AFM gedachte goed ingevuld worden dan zal de coaching een doorlopend karakter dienen te hebben.

Bovenstaand artikel is ook gepubliceerd als nieuwsbrief van De Weygerbergen (15 november 2013). Robert van Beek, partner van De Weygerbergen, een bureau voor performancemeting en vermogensbelegeiding.

Digitale nieuwsbrief

Geintereseerd in onze actuele updates? Schrijf je dan nu in voor onze digitale nieuwsbrief.